De volgende stap

Zo. Nou. Het voelt alsof we ineens 1000 jaar verder zijn.
Corona lijkt een heel eind het land uit, de maatregelen zijn op dit moment in ieder geval bijna allemaal weg.
Hoewel er pas een half jaar is verstreken sinds mijn vorige blog, voelt het echt als veel langer.
De afgelopen periode was dan ook behoorlijk intensief. Nog altijd ben ik bezig met de opleiding tot machinist, al hoop ik die in de zomer af te ronden.
Inmiddels ben ik al bijna een jaar bezig met de opleiding en ik had het echt onderschat. Je bent namelijk niet alleen bezig met een opleiding, daarnaast krijg je ook te maken met dubbel onregelmatig werk en daar moet je echt wel even aan wennen en je draai in vinden.
Daarnaast blijft de opleiding natuurlijk pittig. Nadat je de theorie hebt afgerond ben je namelijk echt nog niet klaar met leren en studeren. Het voelt op sommige momenten een beetje als een triatlon: Je moet zoveel verschillende dingen weten en leren en de verschillende stappen van de opleiding volgen elkaar best snel op.

In de vorige blogs konden jullie al lezen hoe de selectieprocedure ging en de eerste fase van de opleiding. Nu wil ik jullie meer vertellen over het tweede deel van de opleiding.

Na het behalen van de machinistenvergunning begin je aan het NS – specifieke deel van de opleiding: NSR+.
Dit deel van de opleiding bestaat eigenlijk ook weer uit twee delen. In het eerste deel leer je de regels van NS kennen tijdens een aantal lessen en ga je aan de slag met wat praktijkopdrachten. Zo moest ik bijvoorbeeld mee met een Hoofdconducteur om te leren hoe de deuren gesloten worden en waar zij op letten tijdens het vertrekproces. Naast het uitwerken van de opdrachten schrijf je een portfolio. Dit wordt beoordeeld tijdens een gesprek met de leerbegeleider, je manager en jijzelf.

Het tweede deel van de NSR+ is heel praktijkgericht. In deze fase ga je 40 rijdende diensten en 10 rangeerdiensten met een mentor mee. Je hebt geen vaste mentor dus je loopt deze diensten met veel verschillende mensen mee. Van iedereen kun je wel weer wat anders leren om uiteindelijk je eigen ‘rijstijl’ te ontwikkelen.
Naast deze diensten volg je materieelinstructies. NS heeft op dit moment drie soorten sprinters en drie soorten intercity’s rondrijden. En elke van die treinen is toch weer anders en heeft zodoende zijn eigen instructie. Per treintype, heb je twee dagen waarin je met een klein groepje door de hele trein heen gaat. Op deze dagen doe je van alles: remproeven nemen, combineren/splitsen, deuren afsluiten, remmen afsluiten, aarden (afsluiten van de hoogspanning), reageren op (kleine) storingen en nog veel meer. Elke instructie wordt afgesloten met een examen op de computer.
Deze instructies vinden plaats op een rangeerterrein of opstelterrein, dit zijn een soort parkeerplaatsen voor treinen. Maar omdat niet alle treinen door het hele land ‘geparkeerd’ staan, kom je voor deze instructies op verschillende plekken. Ik had geluk dat mijn instructies redelijk in de buurt waren: Eindhoven, Den Bosch, Utrecht en Hoofddorp. Die laatste was dan wel ver weg maar de rest was allemaal goed te bereiken. Bizar eigenlijk dat Utrecht tegenwoordig als ‘in de buurt’ voelt, terwijl het toch zo’n 140 kilometer verderop is.

Ter voorbereiding op je proefrit (eindexamen) en de routineperiode daarna ga je ook nog ‘wegleren’. Na je proefrit ga je namelijk 60 dagen op vaste trajecten rijden en voor ieder van die trajecten moet je ook weer leren en examens afleggen.
Van de trajecten moet je bijvoorbeeld weten waar welke stations er liggen, waar je kunt wisselen van spoor, welke snelheid je er mag rijden en noem maar op. Als machinist moet je ‘de weg weten’ op het spoor.
Dit vond ik best lastig, ik vind het namelijk lastig om getallen te onthouden en dus het onthouden van welke snelheden er waar gelden, vond ik uitdagend. Op een gegeven moment krijg je de smaak wel te pakken en weet je steeds beter waar je op moet focussen voor je (weg)examen.

Inmiddels heb ik alle benodigde trajecten en materieeltypes gehad en behaald en is het puur nog diensten draaien ter voorbereiding voor mijn examen. Oké, vooruit, daarnaast moet je je theorie ook nog bij houden dus ik zit geregeld nog in mijn handboek te lezen. Maar dit zijn als het goed is de laatste loodjes.
Ik vind het examen stiekem wel spannend, hoor. En ook daarna, de eerste diensten zelfstandig lijken me toch wel even wennen!
Deze stap van de opleiding is dus nog niet afgerond, maar jullie hebben nu hopelijk wel een beeld van hoe de opleiding in zijn werk gaat. Dat is namelijk ook een beetje mijn doel met deze blogs. Ik had daar zelf behoefte aan voor ik begon, dat ik wist wat ik ongeveer kon verwachten, maar er was niet heel veel over te vinden… Nu moet ik wel zeggen dat de opleiding regelmatig weer aangepast wordt, dus mogelijk is wat ik geschreven heb alweer achterhaald. Maar goed dan heb je in ieder geval vast een beetje een beeld van wat je te wachten staat.
Zoals alle vorige blogs is deze ook weer erg lang geworden dus ik sluit ‘m hier af. 🙂

De opleiding voor de vergunning

In de vorige blog konden jullie lezen welke stappen ik heb moeten nemen om aangenomen te worden bij NS. In dit blog ga ik meer vertellen over de eerste fase van de opleiding: het behalen van je machinisten vergunning.

Om trein te mogen rijden heb je een vergunning nodig. Eigenlijk je trein rijbewijs. Net als bij de auto is dit verdeeld in een theorie- en een praktijkdeel. Verder houdt de vergelijking een heel eind op.
Waar je bij de auto een theorieboekje krijgt met de verkeersregels en de borden gaat dat bij de trein een stuk verder, zo krijg je ook deel over de techniek van bijvoorbeeld de remmen van een trein en uitleg over de wetgeving die bij het vervoer per spoor komt kijken. Daarnaast doe je geen praktijkexamen in de buitenlucht maar op een simulator.

In totaal doe je vier examens bij het VVRV (stichting Veiligheid en Vakmanschap Railvervoer). Twee theorie examens, een examen veiligheidscommunicatie (woord voor galgje?) en het simulatie examen. Het sim-examen bestaat uit twee delen, maar ik maakte die gelijk achter elkaar vandaar dat ik het als één examen benoem.

Om je voor te bereiden op al deze examens volg je een intensief opleidingstraject bij NS. Wegens de huidige pandemie vinden de theorielessen plaats via Teams. Dus dan is het van belang dat je een met een pc of laptop ergens rustig kunt zitten, afleiding kun je namelijk echt niet gebruiken.
De lessen volgen de opbouw van het lesboek dus aan de hand daarvan kun je je voorbereiden. Het is een beetje wisselend hoeveel tijd er aan ieder onderwerp besteedt wordt, als ik het mij goed herinner tussen de twee en vier lesdagen.
Een van de onderdelen gaat over veiligheidscommunicatie. Als machinist bestuur je een behoorlijk voertuig en alle communicatie die je bijvoorbeeld met de treindienstleider voert, moet aan strenge regels voldoen.
In het begin vond ik dat best ingewikkeld en wilde ik ook echt van de hoed tot de rand weten hoe het precies zat. Samen met mede-aspiranten ben ik elke lesdag, voor de les, een half uur gaan oefenen. Dit heeft mij wel echt geholpen in het examen omdat ik daardoor wat meer ‘gewend’ was aan het toepassen van de gesprekdiscipline.


Het theoriegedeelte is wel echt een van de meeste pittige onderdelen van de opleiding. Mijn tip aan iedereen die deze opleiding ook gaat doen is: neem het serieus en neem er je tijd voor. Dit betekent wel dat je privé leven even op pauze komt te staan. Ik had het geluk dat ik voor ik begon een lange zomervakantie had. In deze tijd heb ik al mijn vrienden nog eens opgezocht voor een gezellig dagje. Toen de opleiding begon kwam ik hier niet meer zo vaak aan toe namelijk.
Ik probeerde voor de lessen vast wat stof te leren omdat ik wist dat ik na de lessen vaak best al moe was en me dan minder kon concentreren. Dus ondanks dat de lessen meestal pas om 10 uur begonnen, stond ik op tijd op om voor de les te kunnen leren en v-com (veiligheidscommunicatie) te kunnen oefenen. Zo kon ik mij na de les focussen op het maken van het huiswerk en was ik in de avond echt klaar-klaar voor ns.
Ook op vrije dagen zat ik nog te blokken, om de stof echt goed in mijn hoofd te krijgen heb ik alles tig keer herhaald. Misschien was ik hierin een beetje over ijverig soms, maar het heeft zijn vruchten afgeworpen. Wel gaf ik mezelf één dag in de week NS-vrij. Zodat alles even kon landen en ik even mijn gedachten op iets anders kon focussen.
Nog een tipje van mij: het seinen-boek.
Toch weer een vergelijking met autorijden, naast het spoor staan lichtseinen en borden. De betekenis hiervan is echt ontzettend belangrijk en je kennis daarvan wordt ook getoetst in de examens. In de weken voor de opleiding begon heb ik het seinenboek vast twee keer doorgenomen zodat ik vast een beetje wist wat de seinen betekenden. Het doorlezen van het seinenboek heb ik bijgehouden door elke week het boek of een deel ervan door te nemen. Tot ik merkte dat de seinen er goed in zaten.
Sommige seinen zullen in het begin een beetje vaag zijn, zoals ‘geel met een knipperend getal’, tijdens de praktijkdagen zullen de puzzelstukjes op hun plek vallen en ga je snappen waarvoor dat sein is. Hint: heeft met je remweg te maken.

In deze fase van de opleiding heb je nog weinig rijdagen maar de dagen die je hebt om de trein op te gaan zijn wel heel waardvol. Als je op de bok zit en door het Nederlandse landschap rijdt, weet je weer waar je het voor doet. En de theorie en seinkennis gaan wat meer leven doordat je het ‘buiten’ kunt bekijken.

Om je voor te bereiden op je simulatie examen ga je een aantal keer naar Amersfoort. Daar heeft NS een simulatorcentrum waar je op een trein-simulator kunt oefenen met het opvolgen van seinen en het toepassen van de regelgeving.
De eerste paar keer op de sim vond ik echt vreselijk. Ik had constant ruzie met dat ding. De besturing wijkt toch wat af van de treinen die bij NS voornamelijk gereden worden. Op een gegeven moment kreeg ik er wel wat handigheid in maar in het begin kwam ik toch regelmatig ongepland tot stilstand omdat ik iets te enthousiast was met de remmen. Geduld was hierin het sleutelwoord. Niet alleen met het krijgen van de handigheid. Maar ook voornamelijk met die remmen.

In de huidige opleiding zit ook al een stukje ERTMS. Dat is een vernieuwing binnen het Europese railvervoer waardoor we in de toekomst met een ander beveiligingssysteem kunnen gaan rijden. Op bepaalde trajecten ligt het er al en wordt er dus al mee gewerkt.
Op ERTMS wil ik niet te ver ingaan, het is hierbij echt zaak om het lesplan te volgen en niet vooruit te gaan werken anders kan het wel eens ingewikkeld voor je worden. In het begin van de lessen gooien ze de hele doos puzzelstukjes voor je op de grond, geleidelijk aan ga je die puzzel leggen tijdens de lessen.

De lessen worden afgesloten met de eerder genoemde examens. De theorie examens vond ik niet zo heel spannend. Voor het v-com en sim-examen was ik wel wat zenuwachtig. Uiteindelijk vond ik v-com echt de vervelendste, daarna viel het sim-examen me echt heel erg mee.
Voor de examens moet je naar Zoetermeer. Afhankelijk van waar je woont kan dat best een wereldreis zijn. Ik ging gewoon met de trein, nam daar ruim de tijd en in de trein probeerde ik zoveel mogelijk te ontspannen. Leren of nog snel wat doornemen heb ik eigenlijk niet gedaan op weg naar het examen.
Na de examens krijg je niet gelijk de uitslag, vaak pas na een dag of twee.

En eindelijk, na vier succesvolle tripjes naar Zoetermeer kwam het verlossende telefoontje van mijn teammanager: ook het laatste examen behaald en dus geslaagd voor mijn vergunning!
Stiekem is dit blog langer geworden dan eigenlijk mijn bedoeling was. Het is ook zo’n intensieve periode geweest. De theorie opleiding is oprecht best pittig, maar het is alle moeite dubbel en dwars waard. Deze fase moet je even doorbijten om te komen waar je wilt zijn: voorop die trein! (wow, sorry voor die mega slechte rijm)

Deel twee van het sollicitatie avontuur

Zoals gezegd wil ik jullie dit keer wat meer vertellen over de psychologische en medische keuring.
Hiervoor kun je je eigenlijk niet echt voorbereiden. Voor de PO (psychologische keuring) kun je wel oefenen met capaciteitentests maar verder is het vooral kwestie om uitgerust op je testafspraak te verschijnen. Voor mijn test moest ik om kwart over acht in Eindhoven zijn. Vanaf mijn toenmalige woonplaats was dat ruim een uur reizen en in de spits durfde ik dat niet echt aan. Daarom heb ik er voor gekozen om een hotel te boeken in de stad zelf zodat ik in de ochtend binnen 10 minuten op de testlocatie kon zijn.

De PO duurt ongeveer een dagdeel en wordt begeleidt door een testassistent. Je maakt individueel een aantal tests die onder andere je concentratie en reactievermogen testen. Tussentijds is er tijd om even naar het toilet te gaan of iets te eten of drinken. Zelf had ik vooral trek in Cola. Iets wat ik bijna nooit heb maar ik zal wel behoefte aan suiker hebben gehad.
Gezien ik bij mijn vorige studie ook aan de andere kant van de tafel heb mogen snuffelen als test-afnemer en beoordelaar, vond ik het best leuk om de tests te maken. Al was het natuurlijk ook wel erg spannend aangezien je toekomstige baan hier vanaf hangt.
Na de tests volgt een gesprek met een psycholoog.
Als je alles hebt afgerond wordt beoordeeld of je psychologisch geschikt bent voor de baan. Als machinist moet je jezelf natuurlijk lange tijd kunnen concentreren en snel kunnen reageren als de situatie daarom vraagt. Daarnaast heb je een grote verantwoordelijkheid en kun je dingen meemaken die erg heftig kunnen zijn.

Als je deze keuring achter de rug hebt, wordt je uitgenodigd voor een medische keuring. Deze heb ik helaas een keer moeten verzetten omdat ik preventief in quarantaine moest. Gelukkig bleek er niks aan de hand en kon ik een week later op keuring.
Bij de medische keuring wordt gekeken of je fysiek in staat bent het werk uit te oefenen. Zo wordt er bijvoorbeeld gekeken of je goed kunt zien en horen. Zo mag je wel een bril of lenzen hebben als machinist (heb ik ook), maar je mag absoluut niet kleurenblind zijn.
Ook wordt er een hartfilmpje gemaakt, iets wat ik een bijzondere ervaring vond. Er werden allemaal plakkertjes op mijn borst en ribben geplakt en klemmen op mijn polsen en enkels. Gelukkig was ook dit helemaal in orde en na een gesprek met de arts bleek ook de rest allemaal goed te zijn en was ik officieel volledig goedgekeurd voor aanname.
Deze keuringen komen tijdens je loopbaan om de zoveel jaar terug om te checken of je nog steeds aan de eisen voldoet.

Na dit alles volgende nog een arbeidsvoorwaardengesprek en toen was de procedure eindelijk helemaal voltooid!

19 februari heb ik de brief gestuurd en 23 april heb ik mijn contract getekend. De hele procedure heeft voor mij dus ongeveer 2 maanden geduurd. Daarna ben ik nog een keer naar de kledingleverancier gemoeten om mijn maten op te laten meten voor het uniform. Half juni was het dan eindelijk zover: de opleiding begon.

In mijn volgende blog zal ik jullie meer vertellen over de eerste fase van de opleiding: Het VVRV gedeelte voor je machinisten vergunning (je treinrijbewijs).

Solliciteren bij NS

Op de dag dat ik dit schrijf heb ik net de tweede fase van de opleiding afgerond. Tijd voor een feestje toch? Gezien de lockdown waar we nu inzitten (ik schrijf dit op 20-12-20) vier ik het klein, met mijn twee beste vrienden: Ben&Jerry. Grotere feestjes komen vast ooit wel weer.
Het afronden van de eerste fase, het behalen van mijn machinistenvergunning heb ik wel echt gevierd. Daarover later meer.

Maar laten we bij het begin beginnen. De sollicitatieprocedure voor een Machinist bij de Nederlandse Spoorwegen.
Aangezien een sollicitatieprocedure natuurlijk vrij persoonlijk is wil ik niet teveel in detail treden maar ik wil jullie wel wat meer vertellen over hoe de procedure in zijn werk gaat. Het is namelijk een stuk uitgebreider dan voor de meeste banen.

Een kijkje op de site (werkenbijns.nl) vertelt mij dat de procedure inmiddels iets is aangepast maar in grote lijnen komt het nog steeds op hetzelfde neer.
Je begint natuurlijk zoals altijd met het schrijven van een sollicitatiebrief. In deze brief heb ik verteld wat ik NS te bieden heb op basis van mijn persoonlijkheid en ervaringen, daarnaast heb ik natuurlijk verteld wat mijn motivatie is voor het prachtige vak van machinist en waar mijn interesse in de spoorwereld vandaan komt. Hierbij heb ik er wel echt op gelet dat ik er dieper op in ging dan alleen: ‘Ik vind treinen cool dus wil graag treinen rijden’. Want dat is leuk maar zegt niets over waarom ik treinen en de spoorwereld zo interessant vind.

Aandachtspuntje voor als je wilt solliciteren: let op de reistijd. Je moet binnen 45 minuten met eigen vervoer op je standplaats kunnen komen, hier zijn ze best streng op dus daar moet je rekening mee houden.

Naar aanleiding van mijn brief volgde een telefonisch gesprek met een van de recruiters van NS. Geen idee of dit standaard is want het staat niet meer op de site maar ik heb het wel bij meerdere mensen gehoord.
Dit gesprek duurde ongeveer 20 – 30 minuten en was een soort inleiding voor het ‘echte’ sollicitatiegesprek. Voor mij was dit gesprek nog via Teams gezien de pandemie.
Bij dit gesprek is wederom iemand van recruitment aanwezig alsook een teammanager. Op zich is een sollicitatiegesprek voor de meesten natuurlijk niks nieuws. Recruitment van NS is wel ijzersterk. Ze weten vragen te stellen die toch best pittig zijn en zijn erg geïnteresseerd in wat jouw intrinsieke motivatie is om bij het bedrijf te komen werken.
Toch kijk ik met een goed gevoel terug op dit gesprek, het voelde voor mij erg gelijkwaardig en het zijn hele vriendelijke mensen.

Als je dit met goed gevolg hebt afgerond volgen de twee stappen van de procedure die toch wat minder standaard zijn: een psychologische en een medische keuring.
Hierover vertel ik jullie meer in mijn volgende blog want anders werd dit wel een heel lang verhaal.

Opnieuw een nieuw begin

Zo. Daar ben ik weer.
Dat is weer lang geleden, geloof ik…
Mijn besef van het voorbij gaan van tijd is een beetje weg volgens mij. Weet je, er is veel gebeurd de afgelopen maanden. Ik ben verhuist naar een alleraardigst appartementje in een “pitoresk” Limburgs dorp. Voor mij is het meer een stad hoor. Of een voorstad… Geen idee.

Wikipedia vertelt mij dat het zelfs een stadsdeel is, niks pittoresk aan dus.
Dat is even wennen hoor. Van een dorpje met krap 400 inwoners naar een stadsdeel met ruim 27.000 inwoners… De wegen zijn hier druk en iedereen rijdt alsof hij haast heeft. Verder is het wennen aan het hebben van bovenburen. En als ik de mensen boven mij hoor… wat hoort mijn onderbuurmeiske dan van mij? Ik vraag het me soms af. Niet meer luidkeels meezingen met musical, Disney en het foute uur van Q-music dus.

Maar er zijn nog meer veranderingen.
Zo ben ik in de zomer begonnen met een nieuwe opleiding! Ik had mezelf beloofd nooit meer te gaan studeren. Na het behalen van mijn HBO-papiertje had ik het wel gezien met de schoolbanken.
Maar soms doen zich mogelijkheden voor die je niet moet laten gaan.
Zoals een vacature bij de Nederlandse Spoorwegen.
Zodoende mag ik mezelf nu Aspirant Machinist noemen! En mensen, wat ben ik gelukkig met deze keuze!
Al van kinds af aan ben in geïnteresseerd in treinen. Iets wat verder werd aangewakkerd toen ik tijdens eerder genoemde HBO-studie dagelijks met de trein naar Nijmegen ging. Ik vond het veel interessanter wat er in die cabine gebeurde dat wat er in mijn studieboeken stond.
Maar goed, ik ben van mezelf een doorzettertje (ook wel “koppig” genoemd) dus als ik ergens aan begin, maak ik het af.
Zodoende behaalde ik een velletje papier na vijf jaar studeren en begon ik aan een carrière vol wisselende banen.
Helaas bleek er weinig werk te zijn binnen mijn opleidingsgebied (HBO Toegepaste Psychologie) dus via vele omzwervingen kwam ik verscheidene baantjes tegen.

Door een kennis kwam ik weer eens bij de treinen. Dit keer niet als reiziger maar ‘achter de schermen’ bij het Spoorwegmuseum. Mijn oude interesse in treinen kwam weer volledig terug, want wat was het gaaf geweest om zo langs die treinen te staan en wat zijn ze groot!
Dus toen ik een vacature voor machinist zag staan, aarzelde ik niet langer en heb ik gesolliciteerd. Een intensieve procedure volgde en inmiddels heb ik stiekem al best een groot deel van de opleiding afgerond.
In de cabine van de trein vielen de puzzelstukjes echt op hun plek en besefte ik me dat ik hier echt op mijn plek zit.

In mijn volgende blogs zal ik jullie wat meer vertellen over de sollicitatie en de opleiding. Mocht je er vragen over hebben, stel ze vooral!

Op Pauze

Wat niemand mij vertelde, of wat ik niet wilde horen, is dat je leven niet gelijk begint na je studie.
Ik was er echt van overtuigd dat ik na mijn studie binnen no time een baan zou hebben binnen mijn opleidingsgebied.
Gewoon een paar sollicitaties sturen en hup, aan de slag als psycholoog/trainer/coach. Zo simpel zou het zijn.
Ja, natuurlijk, bij het begin van mijn opleiding werd wel gezegd dat we pioniers waren omdat het nog zo’n nieuw beroep was. Maar, zo redeneerde ik, ze zouden geen nieuwe opleiding aanbieden als er geen vraag naar dat beroep was.
En er is vraag naar dit beroep. Echt. Maar omdat het nog zo nieuw is, durven niet veel bedrijven het aan om iemand van een vrij onbekende studie aan te nemen. Ze gaan liever voor een universitair psycholoog, of een maatschappelijk werker, of, of… Want eigenlijk geldt de uitspraak ‘Wat de boer niet kent, dat vreet ie niet.’ Voor heel Nederland.
Een volgend probleem stak ook al snel de kop op. Coaching. Inmiddels hartstikke hip. En geen beschermd beroep dus iedereen mag zich coach noemen. Zet op maandag een bordje in de tuin met ‘Coachingspraktijk’ en je kunt aan de slag. Oké, zo simpel is het niet. Je moet je inschrijven bij de Kamer van Koophandel, klanten werven, etc.
Maar je snapt wat ik bedoel. Je hoeft er geen opleiding voor te doen.
Inmiddels zijn de coachingspraktijken zo snel uit de grond geschoten dat je er eigenlijk niet meer echt tussen kunt komen. Dat ik nu met een mooi HBO papiertje kom aanzetten voelt een beetje als mosterd na de maaltijd.
Inmiddels is het vierenhalf jaar geleden dat ik afgestudeerd ben en heb ik verschillende banen gehad. Maar aan de bak als psycholoog? Nee, dat is niet gelukt.
De meeste afwijzingen gingen om een gebrek aan ervaring… een hele zure om keer op keer te horen want hoe kun je dan ooit ervaring op doen?

Gelukkig doe je een studie nooit voor niks. Je houdt er altijd een papiertje aan over. En psychologie is natuurlijk breed inzetbaar.
Momenteel ben ik werkzaam als afdelingschef in een supermarkt. Iets totaal anders. Maar in de omgang met veel verschillende soorten mensen, zowel klanten als collega’s, komt de kennis vanuit mijn studie me goed van pas.
Toch heeft het lang geduurd voor ik van het gevoel afkwam dat mijn leven op pauze stond zolang ik niet als psycholoog werkte.
Ik had het wel naar mijn zin in mijn banen, ontzettend zelfs. Maar het échte leven zou pas beginnen als ik psycholoog was. Dan zou ik binnen zijn.
Gelukkig ben ik van dat idee af, want niets is minder waar. Mijn leven is al bezig. Het staat niet op pauze. Ik hoéf ook niet te wachten. Het leven is nu.

Gebroken, alweer.

Alsof de lucht uit zijn longen geslagen werd toen zij de deur achter zich dichtsloeg. De wanhoop sloeg als een vloedgolf over hem heen en benam hem letterlijk de adem. Naar adem happend zakte hij door zijn knieën. Zijn longen leken ineens te klein om zijn hele lijf van zuurstof te voorzien.
Een raspend, piepend geluid vulde de ruimte om hem heen en het duurde even voor hij doorhad dat hij het zelf was. De tranen trokken hete sporen over zijn wangen.
Zijn ademhaling ging steeds gejaagder, steeds sneller. Maar hij kreeg steeds minder lucht.
Hij had het zo benauwd terwijl hij vocht voor zuurstof zonder het door te hebben. Hij kon alleen maar denken aan haar en hoe ze hem gebroken had.
Hij zag zijn leven, zijn toekomst, zijn hoop en dromen uit elkaar vallen en voelde hoe de grond onder zijn voeten wegzakte.
Ineens drong het tot hem door.
Hij herkende dit. Een paniekaanval, hyperventileren. Hij had het vaker gehad.
Zichzelf dwingend om rustig te worden, sloot hij zijn ogen. Even aarden. Focussen… Langzaam voelde hij kalmte over zich heen komen. Voor nu dan.

Schutkleur (uit het archief)

Schutkleur

Het ijskoude staal van de rails blinkt in het bevroren zonlicht. Ik heb vertraging, maar dat maakt me niet uit. Alleen de kou, die overal doorheen dringt en je tot op het bot verkleumd… ik kijk hoe zich witte wolkjes vormen uit de adem van de wachtende mensen om me heen. Als nogmaals wordt omgeroepen dat de trein van 16:11 vertraging heeft, hoor ik ze collectief zuchten en beginnen ze tegen elkaar te mopperen over ‘die treinen ook altijd’. Allen vreemden van elkaar, die zich door de onvoorziene vertraging plots met elkaar verbonden lijken te voelen en de onvrede met elkaar delen. Ik sta daar tussen en wacht geduldig op de warme trein die in zijn witte schutkleur aan komt denderen over het spoor, een witte sneeuwwolk achter zich aan sleurend.

Als de trein daar eindelijk is, sluit ik me aan bij de groep mensen die zich verzameld heeft voor de deuren van de trein. Het is druk op het perron, maar gelukkig rijdt er een dubbel-treinstel. Als ik mijn plekje heb gevonden en 26 minuten van de warmte kan genieten, kijk ik rustig om mij heen. In mijn tas zit een schoolboek, maar ik heb nu geen zin. Schuin tegenover mij zit een jongen. Hij slaapt. Ik draai mijn hoofd van hem weg en kijk uit het raam naar het voorbijflitsende, in sneeuw gehulde landschap. Als de trein plots claxonneert, werp ik toevallig een blik op hem. Net op tijd om te zien hoe hij wakker schrikt van het plotselinge geluid. Als ik zijn blik vang, lacht hij, alsof hij het zelf ook  grappig vindt dat hij zo in zijn dromen verstoord werd. De rest van de treinreis kijk is zo nu en dan zijn kant op. Soms vang ik zijn blik, waarnaar we allebei betrapt de andere kant op kijken om vervolgens op het zelfde moment ons hoofd weer naar elkaar toe te draaien. Soms kan ik toezien hoe hij zijn hoofd weer tegen het raam legt, zijn ogen langzaam dichtgaan en hij weer weg sukkelt in een lichte slaap, om vervolgens weer wakker te schrikken van het hobbelen van de trein.
Als de trein gestaag het station binnenrijdt waar ik moet zijn, overweeg ik even te blijven zitten, maar het huiswerk in mijn tas schreeuwt om aandacht, dus stap ik uit, ik had ook niet anders van mezelf verwacht.

(deze blog schreef ik in 2012 voor een blogwedstrijd van Veolia, waarbij ik de tweede plaats behaalde.)

Zomerse ijsthee

We kunnen wel stellen dat de zomer is aangebroken. De afgelopen week hebben we echt al zomerse temperaturen gehad. Ik heb mijn ventilator maar weer van de zolder gehaald en die staat alweer trouw te blazen op mijn slaapkamer.
De fietsende ANWB-stelletjes zijn weer gespot en de terrassen zitten overvol.
Nu ben ik dus echt dol op ijsthee, vooral op hete dagen. In de supermarkt zijn tegenwoordig steeds meer smaken te verkrijgen, maar ze blijven doorsnee en vooral een beetje chemisch. En dat moet natuurlijk ook anders kunnen.
Bij Stil Genoegen hebben ze daar een mooie oplossing voor: Zelf ijsthee maken!
Dat leek mij best lastig. We hebben allemaal wel eens per ongeluk thee gedronken die al was afgekoeld en die dan super bitter was. Bahbah.
Maar dat kun je dus voorkomen. Vandaag vertel ik jullie hoe.

img_20180605_142724.jpg

Bij Stil Genoegen hebben ze ontzettend veel smaken thee, waarvan een aantal ook zeer geschikt is om ijsthee mee te maken. Zoals Drakenvuur en Stress Weg, die ik vandaag heb getest.
Het recept is heel makkelijk, dit heb je nodig:
– 12 gram thee
– ½ liter water
– ½ kilo ijsblokjes
– fruit naar smaak. Het beste is om te kijken naar de ingrediënten van de thee en fruit te pakken dat ook al in de thee zelf zit. In Stress Weg zitten bijvoorbeeld Lemongrass en Sinaasappelbloesem. Daar kun je dus heel goed schijfjes citroen en sinaasappel bij doen.
En zo maak je het:
De losse thee doe je in een daarvoor geschikte theezeef of wegwerp zakjes (T-sac, te koop bij Stil Genoegen). Je kookt een halve liter water en zet daarmee sterke thee.
De ijsblokjes doe je ondertussen in een kan. Als de thee getrokken is, schenk je deze in de kan. Doordat de hete thee over de ijsblokjes loopt, schrikt de thee.
Daarna zet je de kan (met mogelijk dus het fruit), in de koelkast. En dan is het al klaar!
Door het ‘schrikken’ van de thee, voorkom je dat de thee bitter wordt en blijft de oorspronkelijk smaak behouden.

dav

Tijd om te proeven!
Ik begon met de Drakenvuur. Die klonk me namelijk wel avontuurlijk. Doordat er drakenvrucht en vijgen inzitten, had ik een vrij fruitige smaak verwacht, maar eigenlijk vind ik hem meer bloemig. Er zitten dan ook rozenbottel en paardenbloem in, dus zo vreemd is het niet. Aangenaam verrast was ik door de volle, verfrissende smaak. Ideaal voor op warme dagen! Hij is niet zo zoet als de ijsthee die je in de supermarkt of op het terras koopt, maar daardoor des te dorstlessender!
Op naar de volgende: Stress Weg. Deze thee heeft een stuk meer ingrediënten en dat proef je! Ik kan wat lastiger omschrijven hoe het precies smaakt omdat het zo complex is. Je hebt duidelijk dat bittertje wat bij thee hoort, maar het is niet overheersend. In de nasmaak proef je heel goed de perzik, wat voor mij wel echt bij ijsthee hoort. Hij is lastig te omschrijven maar wel heel erg lekker, een echte aanrader. Echt ideaal om op hete dagen een kan van in de koelkast te hebben staan.
Als je bezoek krijgt en je zit lekker in de tuin, denk ik dat ze aangenaam verrast zullen zijn als je ze een van deze ijsthee’s voorzet. Het is herkenbaar maar toch gelijk weer heel anders dan wat we gewend zijn. De smaak is zoveel puurder en minder overdreven zoet dan bij ‘normale’ ijsthee. Voor mij is het zeker voor herhaling vatbaar en ik raad het jullie ook van harte aan!